1368, 24 III (op onser Vrouwen avont annunciacio): Harman Willems soen erkent voor schepenen van Leiden een huis en erf te poortrecht uitgegeven te hebben aan Willem van der Dobbe die tymmerman, gelegen op Rapenburch en belend door de kamers van Harman zelf en door de stadsvest, achter door de hofstede van Philips Willems soen, tegen een jaarlijkse rente van 0.40.0. Te vervoorhuren bij sterfte en verkoop met een halve jaarrente en Harman blijft houder bij eventuele splitsing.
Met transfix: regest nr. 390 (ontbreekt in HG 428 en 429, alwaar de regesten nrs. 188 en 382 in een stuk zijn samengevat).
HG 428 f. 53, Dit is Lizebet Harman Willems soens testamente;
429 p. 52, tafel: Willem Jacob soens, of ghescat in 1503, en die ander 0.20.0 staen noch opt huys of cameren agter an tvoirs. huys op Corter Rapenburch. Dese 0.5.0 paym. g.g. roerende van den gasthuyse sellen of wesen want het is ghesciet in eenre bairteringhe jegens den H.G. alser staet int getal van clxiii (fol. 163);;
430 f. 4, met rentebedrag 3.0.0; corter Rapenburch, deels afgeschat in 1504.
1384, 7 VI (tsdinxdaghes na beloken pinxster): Schepenen van Leiden oorkonden dat Harman Willemsz. voor gerecht de doorstoken schepenbrief heeft overgegeven aan Heilige Geestmeesters, om daarmee de jaargetijden te doen van zijn vrouw Lisabet. Van de daarin vermelde jaarlijkse rente van 0.40.0 pay. zullen Heilige Geestmeesters jaarlijks 0.5.0 pay. uitkeren aan de Sint Pieterskerk en aan het gasthuis, en 0.0.20 g.g. aan Peternelle Doueuoets wedue. Transfix bij regest nr. 188. HG 430 f. 4.
1444, 28 V: Symon Vrederic van Zwieten en Willem Foutgen van Zijl, schepenen in Leiden oorkonden dat Dammes Willemsz. aan de Heilige Geest meesters, Florijc Claisz., Wermbout Karstantz., Clais Post, Strevel die Bruun en Symon Janssoen heeft verkocht een rente: 0.0.0 op drie cameren en erven geleghen op Cleyn Rapenburch. Belend huis enerz.: Louwerijs Lambrechtsz.; anderz.: Dammes voors.; voor: uter ouder vest; achter: Jacop Brouwers erf. Voorwaarde is dat Dammes en zijn nakomelingen een gang behoudens zullen op het erf naast zijn huis die met de 'Leymelicheyt' in verbinding staat. Wanneer deze moet worden schoongemaakt zullen de bewoners van de cameren 2/3 deel van de kosten dragen en Dammes Willemsz. 1/3 deel. HG 429 f. 161R
|