Glipperlijst

Onderstaande lijst van glippers is ontleend aan het artikel van W.A. Fasel uit Leids Jaarboekje 1956 p79-86 en is voorzien van hyperlinks naar personen en percelen uit de database. Bij geconstateerde onregelmatigheden zijn -in de vorm van zogenaamde “pop-up’s- commentaren toegevoegd.


LIJST DER GLIPPERS

ADRIAEN HARMANSZ. Verversknecht en schoenlapper. Verrichtte bodediensten voor CORNELIS VAN DER HOOG C.S.

ALLERT QUIRIJNSZ. Werd 29 november 1574 bij een uitval door vrijbuiters gevangen genomen.

AMBROSIUS, MECHTELD. Haar huis in Marendorp in 1576 verhuurd aan haar dochter ERCKENRAED CLAESDR.

AMBROSIUS, PHILIPS. In de lijst van 1576 wordt vermeld: ,,het huys van PHILIPS AMBROSIUS ofte JAN VAN LOCHORST”.

ANDRIES HUYGENSZ. Schoenmaker. In 1573 zijn meubelen verkocht. Zijn huis in Marendorp in 1576 verhuurd aan PIETER JANSZ., snijder.

ARENT LIEVENSZ. Bakker. Zijn huis op de Nieuwe Rijn in 1573 verhuurd aan JEROEN JANSZ. VAN NOORTWIJC, in 1574 en 1576 aan GIJSBRECHT CORNELISZ. SCHAECK.

ASSENDELFT, HENDRIK VAN. In 1574 zijn huis in de Vrouwesteeg verhuurd aan JACOB PIETERSZ. VAN CATWIJK en in 1576 aan JORIS VAN DOBBEN. In 1576 nog een huis op de Rijn bij de Vrouwebrug aan ARENT GERRITSZ., linnenwever.

BERENDRECHT, CLAES VAN. Schout van Leiden en vervolger van ketters. Op 25 juni 1572 vervangen door Mr. JAN VAN GRONINGEN. Hij overleed vóór 1576 (te Utrecht?). Zijn huis in Marendorp (of Pieterskerkgracht 13?) in 1576 verhuurd aan Mr. CLAES ,,rectoor”.

BRUNTHEN, juffrouw. Woonde in het huis van HENDRIK GERRITSZ. op de Hooigracht. In 1573 haar meubelen verkocht.

BUITENWECH, JAN GERRITSZ. Lid van de vroedschap, bezat een steenplaats in Leiderdorp, waarvan de aanwezige steen en turf in 1573 in beslag genomen en verkocht werd. Zijn huis op de Nieuwe Rijn in 1576 verhuurd aan CHRISTIAAN IJSBRANT, eertijds deurwaarder van de ontvanger ANDRIES SCHOT. Was ondertekenaar van glipperbrieven.

BUYS, Mr. CORNELIS. Zijn huis op de in 1573 en 1574 verhuurd aan zijn vrouw. Had een zoon, die in 1573 het recht verkreeg op een rente van 10 pond 6 stuivers, staande op het huis van QUIRIJN JANSZ., juwelier in de Maersmansteeg.

BUYS, Mr. PAULUS. De vroegere pensionaris van Leiden, sinds 1572 landsadvocaat van Holland (zie N. Ned. Biogr. Wrdbk. 1, 519). Waarom zijn huis op de lijst voorkomt is kwestieus. Waarschijnlijk confisceerde men alles wat onbeheerd was. In 1576 werd het huis verhuurd aan JORIS VAN DOBBEN de opbrengst van ,,een pand of galerie” , dat aan BUYS toebehoorde.

CHRISTIAAN REYERSZ. Kanunnik. Zijn huis op de Hooglandse Kerkgracht in 1573 verhuurd aan Mr. ADRIAAN ADAMS, chirurgijn, in 1576 aan JORIS WILLEMSZ. VAN DOBBEN.

CHRISTOFFEL EVERTSZ. Snijder. In 1573 zijn meubelen verkocht. Zijn huis in de Diefsteeg in 1574 verhuurd aan CORNELIS CORNELISZ., snijder, in 1576 aan JORIS VAN DOBBEN.

CLAES ADRIAENSZ. Brouwer, lid van de vroedschap. Zijn huis op de Hogewoerd in 1576 verhuurd aan JAN DIRKSZ., brouwer.

CLAES AELWIJNSZ.? erven. Hun huis op het Rapenburg in 1573 verhuurd aan JAN BARENTSZ. snijder.

CLAES CLAESZ. Zoutzieder. In 1573 zijn meubelen verkocht, alsmede een voorraad zout, waarvan een gedeelte aan de stad voor het zouten van huiden voor de consumptie, de rest aan GERRIT VAN DER LAEN en IJSBRANT DIRCSZ. VISSER.

CLAES HWGENSZ. Bontwerker. Zijn huis op de Middelweg in 1573 verhuurd aan zijn vrouw.

CLAES ISAACSZ.’S erven. Hun huis in de Breestraat en in de Mandemakerssteeg in 1574 resp. verhuurd aan JAN CORNELISZ. VAN HEUSDEN en DIRK ADRIAENSZ., bierdrager.

CLAES OEM JANSZ. (BUITENWECH). lid van de vroedschap, woonde tijdens het, beleg te Utrecht. Zijn huis op de Voldersgracht in 1573 verhuurd aan PIETER CORNELISZ., predicant. In 1576 een losrente verkocht aan AELBRECHT PIETERSZ. TRONPES. Ondertekenaar van glipperbrieven

CLAES DIE VERWER. Zijn huis op de Uiterstegracht in 1573 verhuurd aan HARPER HWGENSZ., linnenwever, in 1574 aan JOB CORNELISZ., pottenbakker.

CORNELIS JANSZ. Pastoor van de Vrouwekerk. Zijn huis achter de Vrouwekerk in 1573 en 1574 verhuurd aan NELLETJE JANSDR. zijn zuster.

CORNELIS PIETERSZ. Oude kleerkoper. Hij verrichtte diensten voor VAN DER HOOG C.S. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis in 1573 verhuurd aan DIRK HOBBEMA, in 1574 en 1576 aan MEES FRANSZ., vleeshouwer.

CORNELIS WILLEMSZ. Leidekker. Op 7 juli 1572 wegens het zenden van brieven naar Den Haag gevangen genomen, 19 juli weer vrijgelaten, is daarna gevlucht. Zijn huis ,,In den Hoorn” op Marendorp in 1576 verhuurd aan JORIS VAN DOBBEN.

CRAECKEN, HENDRIK VAN. Zijn huis op de Hogewoerd in 1576 verhuurd aan Mr. WILLEM SCHUYT.

DAM, GERRIT VAN. Regent van het Elisabeth Gasthuis. Zijn 2 huizen in de Koppenhinksteeg in 1573 verhuurd aan WILLEM JACOBSZ., snijder van Rijnsburg en JAN ADRIAENSZ. WITMAECKER, in 1574 aan DIETLOF ADRIAENSZ., substituut van de baljuw van Rijnland en de voorn. WITMAECKER, in 1576 aan GERRIT JANSZ., waard ,,In de Boom” en JAN ADRIAENSZ. francijnmaecker.

DAM, JAN VAN. Zoutzieder. Zijn meubelen in 1573 verkocht, alsmede een voorraad zout, waarvan een deel aan de stad voor het zouten van huiden voor de consumptie, de rest aan GERRIT VAN DER LAEN en IJSBRANT DIRCSZ. VISSER.

DIRK GERRITSZ. Zijn huis op de Hogewoerd in 1574 verhuurd aan MATHIJS HENDRIKSZ., brouwersknecht.

DIRK JACOBSZ. Korenkoper. Zijn huis op de Nieuwe Rijn in 1573 verhuurd aan Mr. SIMON JANSZ. chirurgyn, in 1574 aan Mr. REYER JANSZ. waard ,,Inde Meryminne”, in 1576 aan CORNELIS WILLEMSZ.

Dou, MAERTEN SIMONSZ. . Zijn huis op de Voldersgracht in 1573 verhuurd aan juffrouw VAN DORP, in 1574 aan JAN JANSZ. DE BLINDE.

DUSSELDORP, FRANS VAN. Geboren 23 october 1567 te Leiden, zoon van Mr. FRANS -, burgemeester van Leiden, en MARIA JACOBSDR. Hij vluchtte met zijn moeder naar Brabant en kwam waarschijnlijk na het beleg in Leiden terug.

EEWOUT ARENTSZ. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis op de St. Jacobsgracht in 1573 verhuurd aan de Mater van St. Ursula. In zijn huis stonden tevens meubelen van enige personen uit Den Haag, die mede verkocht zijn, omdat ook zij als vluchtelingen werden aangemerkt.

EEWOUT ARENT GERRITSZ. In 1569 schepen van Leiden, schreef in 1574 glipperbrief vanuit Haarlem.

GARBRANT MEESZ. de jonge. Lid van de vroedschap en weesmeester, woonde tijdens het beleg te Utrecht. Zijn huis op de Steenschuur in 1573 en 1574 verhuurd aan JAN GERRITSZ ., luit-speelder, in 1576 aan CORNELIS JANSZ. DEN DEEN , zijn huis op de Oosterlingplaats in 1574 en 1576 aan ARENT CLAASZ. Ondertekenaar van glipperbrieven.

GARBRANT SYMONSZ. Wijntapper ,,In den Aecker” op de Nieuwe Rijn. Hij was in 1571 kerkmeester van de hoofdkerken. Zijn tapperij in 1573 verhuurd aan zijn vrouw. Zij huurt tevens de tuin op de Uiterste Gracht. In 1574 de tapperij gehuurd door PIETER EEWOUTSZ., eertijds organist te Voorschoten, in 1576 door WILLEM GERRITSZ.

GERRIT ARENTSZ. Zijn meubelen in 1573 verkocht.

GERRIT ROELOFSZ. (VAN DER MIJ). In 1566 burgemeester van Leiden, woonde tijdens het beleg te Utrecht. Zijn huis op de Oosterlingplaats in 1573 verhuurd aan DIRCK WILLEMSZ. Ondertekenaar van glipperbrieven.

CLAES JANSZ. DE GOEDE. Vroedschap van Leiden en in 1572 regent van het Elisabeth Gasthuis. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis in Marendorp in 1573 verhuurd aan DANIEL JACOBSZ., houtcoper, in 1574 aan WILLEM DIRCSZ. VISSER.

GOMMER GOMMERSZ. Zijn huis in Marendorp in 1574 verhuurd aan WILLEM WUIERINCKSZ., goudsmit, in 1576 aan CORNELIS WILLEMSZ.

GIJSBRECHT DIRCKSZ. Kruidenier. 1573 3 huizen in de Maersmansteeg, waarvan één ,,Het Lam” heette, dat verhuurd werd aan DIRCK GIELISSE, de andere aan zijn vrouw en GERRIT VAN DER GRAFT. Tevens huis op de Pieterskerkgracht aan SIMON DIRCK HOBBENSZ. In 1574 het ,,Lam” aan ADRIAEN CORNELISZ. DE MILDE, zijn vrouw huurt huis in de Maersmansteeg en een in de Diefsteeg, een huis op de Middelweg verhuurd aan ARENT GOOSSENS alias Spanjaert, een huis in de Maersmansteeg aan GERRIT VAN DER GRAFT, een huis op de Pieterskerkgracht aan SIMON DIRCK HOBBENSZ. In 1576 huis op de Middelwech aan REYER OTTENSZ., huizen op Marendorp (sic) aan SYMON MARCKEN en DIRCK RUTGERS.

GIJSBRECHT JORISZ. Pastoor van de Pancraskerk. Zijn meubelen in 1573 verkocht en zijn huis verhuurd aan JORIS WILLEMSZ. DOUWEN, schoenmaker. Hij bezat een rente op een huis op de Uiterste Gracht ten name van MATHIJS JACOBSZ., lakenreder, alsmede enige schuldbrieven, die mede geconfisceerd zijn.

HEERMAEL, GERRIT. Priester. Hij wordt vermeld in de lijst van 1573.

HENDRIK GERRITSZ. Hij verbleef tijdens het beleg te Amsterdam. Zijn huis op de Hooigracht in 1573 verhuurd aan AELBRECHT VAN EGMOND, in 1574 aan DIRK WESSELSZ., leertouwer, in 1576 woont zijn weduwe in dit huis.

HEUTER, JAN DE. Hij was afkomstig uit een Delftse regentenfamilie. Hij is denkelijk de JAN DE HEUTER JANSZ. die in 1553 heemraad van Delfland werd. In zijn jeugd had hij vijf jaren te Leiden gewoond en daaruit nam hij aanleiding om zich vanuit Den Haag met raadgevingen tot de burgerij te wenden. (FRUIN, Historische opstellen, deel 11, blz. 400).

HEY, Mr. FLORIS. Kanunnik. Zijn meubelen verkocht in 1573. Zijn huis op de Hooglandse Kerkgracht in 1573 en 1576 verhuurd aan DANIEL VAN ACHELEN. Zijn rente op drie huisjes op het Pancraskerkhof gekocht door JANNETJE JASPERSDR.

HOOG, CORNELIS CLAESZ. VAN DER. Werd in 1565 burgemeester van Leiden, op 7 juli 1572 vervangen. Hij woonde tijdens het beleg te Utrecht. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis op de Breestraat in 1573 en 1574 verhuurd aan JAN VAN HOUT, zijn huis op de Hogewoerd in 1576 aan IJSBRANT DIRKSZ. Ondertekenaar van glipperbrieven.

HOOGSTRAET, Mr. GERRIT. Schrijver van glipperbrief, schreef tevens brief aan zijn neef GERRIT JANSZ. DE MAN, met verzoek zijn dochtertje buiten de stad te brengen. Woonde op zijn hofstede te Leiderdorp. Zijn twee huizen op Marendorp in 1576 verhuurd aan GERRIT JANSZ. waard ,,In den Boom”.

JAN CORNELISZ. Lakenkoper. Zijn huis in de Maersmansteeg in 1574 verhuurd aan LOURIS CORNELISZ., snijder.

JAN DIRKSZ . Brouwer. In 1571 schepen van Leiden. Woonde tijdens het beleg te Utrecht. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis op de Oosterlingplaats in 1573, 1574 en 1576 verhuurd aan DIRK DIRKSZ. VAN AELSMEER. Ondertekenaar van glipperbrief.

JAN PIETERSZ. Apotheker. Bezat een grote huizinge op de Nieuwe Rijn, een klein huisje mede aldaar, alsmede een huis op de Cellebroersgracht, die in 1573 gehuurd werden door zijn vrouw.

JAN WILLEMSZ. Kanunnik. Zijn huis op de Nieuwstraat in 1574 verhuurd aan WILLEM PIETERSZ. VAN RIJNSBURG.

KNIJFF, JAN. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis op de St Pieterskerkgracht in 1573 en 1574 verhuurd aan SYMON JANSZ., snijder.

LAEN, HENDRIK VAN DER. Zijn huis op de Breestraat in 1573 verhuurd aan hopman JACOB BOLLINCK, in 1574 aan DIRK GERRITSZ. VAN KESSEL, rentmeester van de Abdij van Rijnsburg.

LAEN, . . . . VAN DER. Zijn huis op de Hogewoerd in 1576 aan de Heer van Warmond verhuurd.

Loo, JACOB SYMONSZ. VAN. Lid van de vroedschap en burgemeester in 1571. Zijn losrente groot XVI pond in 1573 verkocht aan FOY VAN BROUCHOVEN, baljuw van Rijnland.

LOCHORST, JAN DIRKSZ. VAN. Hij vluchtte op 12 december 1572 naar Haarlem. Zijn losrente in 1576 verkocht aan FRANCOIS MESSAGIER. In 1576 tevens verhuurd ,,een huys van Heer PHILIPS AMBROSIUS ofte JAN VAN LOCHORST in Maerendorp” aan IJSBRAND MERTHEN.

MATHENESSE VAN WYBISMA, JAN. ,,Zoon van WOUTER VAN MATHENESSE en OENEMA VAN WYBISMA. Hij begon zijn politieke loopbaan als lid van het Compromis, maar veranderde van partij na de ommekeer in 1567 en bleef na 1572 de Koning trouw. De Pacificatie van Gent schijnt ook hem met de opstandelingen bevredigd te hebben; wij vinden hem althans in het volgend jaar als kastelein vanwege de Staten-Generaal te Leeuwarden. Maar allengs begon hij opnieuw te wankelen en toen hij in 1579 of 1580 overleed, was hij verdacht en geminacht door die hem kenden.” (FRUIN, Hist. opstellen, deel 11, blz. 399). Hij zond glipperbrieven vanuit Utrecht.

MEES ALEWIJNSZ. Lid van de vroedschap, woonde tijdens het beleg te Utrecht, ondertekenaar van glipperbrief. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis op de Oosterlingplaats in 1573 verhuurd aan zijn zoon ALEWIJN MEESZ., in 1574 aan JANNETJE JANSDR., in 1576 aan DIRK DIRKSZ. VAN AELSMEER.

MILDE, JAN ADRIAANESZ. DE. Zijn meubelen in 1573 verkocht.

MUYSHOUT, ANTHONIS. Slotemaker. Zijn huis op de Hogewoert in 1573 verhuurd aan DIRK OTTENSZ., portier van de Hogewoerdse Poort, in 1574 aan LIJSBETH HENDRIKSDR. wed. van CLAES KOENEN.

OFFHEM, juffrouw VAN. Haar huis op de Voldergracht in 1574 verhuurd aan CORNELIS ALEWIJNSZ. VAN POELGEEST, schout van Leiderdorp, in 1574 aan *JORIS VAN DOBBEN.

OOSTRUM, Juffrouw VAN. Haar huis op het Rapenburg in 1574 verhuurd aan CHARLES BOCHART.

OUTHIER CLAESZ. Zijn huis op de Hogewoerd in 1576 aan PIETER BARTOUTSZ.

OY, Mr. MELIS VAN. Deken van Rijnland, overleden vóór 1576. Zijn huis op de. Nieuwe Rijn in 1576 verhuurd aan DIRK Pietersz. eertijds predikant te Aarlanderveen.

PERSIJN, FRANCOIS VAN. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis in de Nonnesteeg in 1573 verhuurd aan MARIJTGEN ISENOUTSDR. wed. van Mr. ALEWIJN VAN LEEUWEN, in 1574 aan SYMON DIRKSZ. HOBBENSZ., in 1576 aan CORNELIS WILLEMSZ.

POUWEL CORNELISZ. Zijn huis in de Nobelstraat in 1576 verhuurd aan JORIS VAN DOBBEN, waard ,,In ‘t Hart”.

QUAETGELAET, PIETER. Werd op 7 juni 1574 bij een uitval door vrijbuiters gevangen genomen toen hij een schuit voor de Spanjaarden bestuurde. Hij werd in de stad gevoerd en enige dagen later gevierendeeld. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn twee huizen op de Breestraat in 1573 verhuurd aan HENRICK VAN ABBENWIJLE, snijder, in 1574 aan DIRK WALICKSZ., slotemaker, in 1576 aan JACOB PIETERSZ., snijder.

. Houtcoper. Lid van de vroedschap, woonde tijdens het beleg te Utrecht, ondertekenaar van glipperbrief. Zijn meubelen verkocht in 1573. op de Nieuwe Rijn bij de Korenbrug in 1573 en 1574 verhuurd aan GERRIT CORNELISZ., bakker. op de Steenschuur in 1573 verhuurd aan CORNELIS EEWOUTSZ., in 1574 aan FLORIS CORNELISZ., stoeldrayer. Tevens in 1573 verhuurd het derde deel van het erf van het huis op de Steenschuur, strekkende tot aan het erf van Mr. GERRIT VAN HOGEVEEN aan PAUWELS WILLEMSZ. van Thorenvliet.

SCHAGEN, JAN VAN. Zijn huis op de Steenschuur in 1573 verhuurd aan JANNETGEN, wed. van BOUWEN CLAESZ.

SOETELINGKERCKE, Jonkvr. CORNELIA VAN. Haar huis op de Voldersgracht in 1573 verhuurd aan de Vrouwe van Leeuwenhorst, in 1574 aan JACOB GERRITSZ., vleeshouwer.

SONNEVELT, JOOST VAN. Zijn huis op de Uiterste Gracht in 1574 verhuurd aan CORNELIS ADRIAENSZ., eertijds brouwer. Zijn huis op de Hogewoerd in 1576 aan de Heer van Noordwijk.

SONNEVELT, MAARTEN VAN. Zijn meubels in 1573 verkocht. Zijn huis op het Levendaal in 1574 verhuurd aan GERRIT ADRIAANSZ., schuitevoerder, tevens een huis in de Korte Diefsteeg aan PHILIPGE WILLEMSDR. In 1576 verhuurd zijn huis in Maerendorp aan GERRIT BOUWENSZ.

VANCKERT JANSZ. Kanunnik (?). Zijn meubels verkocht in 1573.

VEEN, Mr. CORNELIS VAN. Zijn huis ,,de Regenboog” op de en zijn huis in Marendorp in 1576 verhuurd aan zijn zoon SYMON VAN VEEN. Zie ook Prof. ROGIER, Gesch. Katholicisme in Noord Nederland, blz. 480.

VRIES, GIJSBERT ADRIAANSZ. DE. Deze betaalde in 1576 huur voor een huis, dat geconfisceerd was. De eigenaar wordt niet genoemd, mogelijk was hij zelf gevlucht en teruggekomen.

WAEL, ROBBRECHT DE. Zijn huis op de Nieuwe Rijn in 1576 verhuurd aan FOYT DAMME.

WILDE, JAN ADRIAENSZ. DE. In 1566 burgemeester. Zijn huis op de Steenschuur in 1573 verhuurd aan de Mater van de Witte Nonnen, in 1576 aan LOYS TRIJSENS. Ondertekenaar van glipperbrief.

WILLEM ARENTSZ . Brouwer. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn huis (brouwerij) op de Nieuwe Rijn in 1573 verhuurd aan SIMON DIRK HOBBENSZ., in 1574 aan CORNELIS AELWIJNSZ. Van Poelgeest, schout van Leiderdorp, in 1576 aan LENAERT WILLEMSZ. VAN TOL. Tevens verhuurd in 1574 zijn twee huizen op de Uiterste Gracht aan HARPER HUYGENSZ., linnenwever en JAN JANSZ., pannenbakker, alsmede in 1576 zijn turfschuur in Maerendorp aan CLAES VAN MONTFOORT.

WILLEM ARENT GERRITSZ. Zijn twee huizen in Maerendorp in 1576 verhuurd aan GERRIT AELBRECHTSZ., linnenwever, en MARRITGEN ARENTSDR.

WILLEM WILLEMSZ. de oude. Brouwer. Zijn brouwerij ,,die Croon” op de Hogewoerd in 1573 verhuurd aan DIRK DIRKSZ. van Hillegom.

WILLEM WILLEMSZ. de jonge. Brouwer. Zijn meubelen in 1573 verkocht. Zijn brouwerij ,,die Lelie” op Gansoord in 1573 en 1574 verhuurd aan SIMON DIRK HOBBENSZ.

Voorts verhuurd :

Een huis van de bisschop van Haarlem, gelegen in de Vrouwekamp, in 1574 aan LAMBERT JANSZ., steenplaatser, in 1576 aan JAN IJSBRANTSZ., onderhoutvester.

Een huis op de Nieuwe Rijn van ,,enige personen te Utrecht” in 1576 aan COMAN CLAES LIEFRINCK.

De huisinge Soutelande, gelegen in Marendorp, in 1576 aan Jonker AELBRECHT van Egmond.

Dit moet zijn Hooglandse Kerkhof, wat naar hedendaagse begrippen neerkomt op Nieuwstraat 17.
Pouwels Buys bezat een groot huis tegenover het Barbaraklooster, waar nu Rapenburg 21 is.
Hij is de broer van Lenaert Symonsz Dou.
Het gaat hier om twee verschillende personen met de naam Reyer Jacobsz. De een is houtkoper, vroedschap, woont op Steenschuur 22.10 en is bij de Volkstelling 1581 getrouwd met Aefgen Gerritsdr. De ander is koperslager, geen vroedschap, woont op Nieuwe Rijn 29 en is bij de Volkstelling 1581 getrouwd met Marytgen Andriesdr.
Dit is het huis van de koperslager.
Dit is het huis van de houtkoper/vroedschap.
De Regenboog lag op de Breestraat en wel nummer 93.